Recettino
Alle gidsen

Kookboek & organisatie

Zo houd je 100+ recepten overzichtelijk

3 min lezen

Bij dertig recepten is ordenen overbodig: je kent ze allemaal en je vindt alles op titel. Ergens tussen de vijftig en honderd slaat dat om. Je wéét dat je een goed recept had met venkel, maar hoe heette het ook alweer, en stond het nou bij "pasta" of bij "Italiaans"? Vanaf dat moment bepaalt je ordening of je verzameling een werkinstrument is of een zolder.

Het goede nieuws: de oplossing is geen ingewikkeld systeem. Het is een paar simpele afspraken met jezelf, consequent volgehouden.

Categorieën zijn zwakker dan je denkt

De klassieke reflex is mappen maken: voorgerechten, hoofdgerechten, desserts, of Italiaans, Aziatisch, Hollands. Dat voelt geordend, maar het breekt op twee punten.

Het eerste probleem is dat elk recept in meerdere mappen past. Is een Thaise noedelsalade "Aziatisch", "salade" of "doordeweeks snel"? Waar je hem ook neerzet, over een jaar zoek je in de andere map. Het tweede probleem is dat mappen een keuze afdwingen op het moment van opslaan, terwijl je op dat moment helemaal niet weet hoe je het recept later zult zoeken.

Labels (tags) lossen precies dit op, omdat een recept er meerdere kan hebben. Die noedelsalade is gewoon én "thais" én "salade" én "snel", en je vindt hem via alle drie de routes. Vrijwel elke moderne receptenapp werkt daarom met labels in plaats van mappen; in Recettino filter je je kookboek met één tik op zulke labels.

Houd je labelset klein en saai

Labels hebben hun eigen valkuil: wildgroei. Wie bij elk recept ter plekke een label verzint, heeft na een jaar "pasta", "pasta's", "pastagerecht" en "Italiaans-pasta" naast elkaar staan, en dan filtert er niets meer.

De remedie is een kleine, saaie, vaste set. Denk in drie soorten labels:

  • Het soort gerecht: soep, salade, pasta, ovenschotel, dessert.
  • De gelegenheid of het tempo: doordeweeks, weekend, feestelijk, meenemen.
  • Het dieet of hoofdingrediënt: vegetarisch, vis, kip, koolhydraatarm.

Twee tot vier labels per recept is genoeg. Meer labels maken het terugvinden niet beter, alleen het opslaan trager. En twijfel je bij een nieuw label of het bij een bestaand label past? Dan past het bij een bestaand label.

De titel is je belangrijkste zoekingang

Onderschat de receptitel niet. "Kip uit de oven" en "Die ene kip van kerst" zijn allebei waardeloos als je er vijftien kipgerechten op na houdt. Een goede titel noemt het hoofdingrediënt en het onderscheidende kenmerk: "citroenkip uit de oven met knoflook en tijm". Dat leest als een menukaart en zoekt als een woordenboek.

Hetzelfde geldt voor de omschrijving of notitie bij het recept. Eén zin over waarom dit recept in je verzameling zit ("favoriet van de kinderen, dubbele portie maken") betaalt zich elke keer terug.

Snoeien hoort erbij

Een verzameling die alleen maar groeit, wordt vanzelf onbruikbaar, hoe goed je ordening ook is. Plan één keer per seizoen een kwartiertje onderhoud en stel bij elk recept dat je al een jaar niet hebt aangeraakt de vraag: zou ik dit vandaag nog bewaren? Recepten die je nooit meer kookt omdat er een betere versie naast staat, mogen weg. Twijfelgevallen krijgen nog een seizoen.

Dit voelt tegennatuurlijk, want weggooien lijkt verlies. Maar elk recept dat je bewaart "voor het geval dat" staat in de weg van de recepten die je daadwerkelijk kookt. Honderd recepten die je allemaal zou willen eten zijn meer waard dan driehonderd waarvan tweederde ruis is.

Eén gewoonte die alles bij elkaar houdt

Als je uit deze gids één ding meeneemt, laat het dit zijn: verwerk nieuwe recepten meteen, in dezelfde week dat je ze tegenkomt. Titel fatsoeneren, twee of drie labels uit je vaste set, één zin erbij waarom je hem bewaart. Het kost dertig seconden per recept.

Een verzameling raakt namelijk nooit in één keer in de war. Het gaat sluipend: tien snelle opslagacties zonder labels, een maand later nog tien, en na een jaar is de achterstand te groot om nog in te halen. De dertig seconden bij binnenkomst zijn het verschil tussen een kookboek en een stapel.